Maar in één klap verwarring? Dat is niet leuk.
Ik loop een werkplaats binnen en zie meteen de productielijnen en processen — en direct ook de dingen die niet kloppen. Twee mensen op de verkeerde plek, een kar die ergens staat waar hij het werk belemmert, en drie halve oplossingen die nog steeds op iemand liggen te wachten. Ik hoef dan niks te zeggen. Ik wijs, ik draai iets om, ik schuif een kastje, ik stel een vraag. En het stroomt weer. Niet omdat ik de leiding heb of de baas ben, maar omdat ik het zie. En omdat ik het met rust oplos. Geen drama, geen strijd, gewoon… overzicht. En dan denk ik: ja, dit kan ik.
De momenten dat ik weet dat ik het niet weet.
En dat vind ik oprecht prima. Ik kan dan zoeken, vragen, iemand bellen die er meer verstand van heeft. Ik voel me daar niet dom of ongemakkelijk bij — integendeel. Het geeft juist ruimte. Onwetendheid is vaak het begin van iets goeds. Sterker nog, ik word er helemaal blij van. Want dan mag ik weer leerling zijn. Ik mag weer wat leren!
In één klap.
Maar laatst gebeurde er iets anders. Iets dat ik niet meteen in een hokje kon stoppen. Iets waarvan ik pas later besefte: dit wist ik niet, en ik wist niet eens dát ik het niet wist. En dát voelt dus anders. Niet ruim, maar verwarrend. Niet als een leermoment, maar als een klap. Alsof je denkt dat je linksaf aan het slaan bent, maar de weg rechts blijkt te lopen — en niemand je dat had verteld.
Weken van geluk en daadkracht.
Ik had een paar weken achter de rug waarin alles leek te kloppen. Het werk liep. De communicatie was goed. Er werd gelachen, dingen kwamen af, klanten tevreden, ik had zelfs ruimte in m’n hoofd om iets nieuws op te starten. En dan word je ineens gevraagd voor een gesprek. Een bijpraatmomentje. Dacht ik. Maar de toon bleek anders. En wat ik daar hoorde, voelde als het tegenovergestelde van alles wat ik dacht dat er speelde.
Dit kan toch niet? Wie denk je dat je bent?
Dit is niet goed. Je weet gewoon niet waar je mee bezig bent. Je bent helemaal de weg kwijt. Dit heb ik niet besteld. Dit kan toch niet…
Van: … tot … tot … je kent het wel: De boze, emotionele uitingen van mensen.
Het ging over fouten. Ik werd op m’n plek gezet. Onderuitgehaald. Wat me raakte, was niet het volume of de woorden, althans dat probeer ik. Het was het moment waarop ik merkte: de ander kijkt hier totaal anders naar dan ik. En niet een beetje anders, fundamenteel anders. Alsof we allebei naar hetzelfde project keken, maar vanuit een ander raam. En ik wist niet eens dat dát raam bestond. Ik dacht dat we op één lijn zaten, dat ik zag wat zij zagen. Maar ineens ontdekte ik: hun perspectief was er altijd al. Ik had het gewoon nooit opgemerkt.
En dat is iets anders dan fouten maken.
Dit gaat over ontdekken dat iedereen aannames maakt en als je niet geoefend bent in je vak verkeerder perspectieven ontwikkeld. Over beseffen dat je wel degelijk iets mist — niet omdat je slordig bent, maar omdat je gewoon nog niet wist dat zo’n perspectief bestond.
Boze mensen zijn ook gewoon mensen.
Ze zijn net zoals wij. Ze kijken ook maar door hun raam en reageren met de kennis die ze op dat moment hebben. Laat ze maar uitrazen, probeer te luisteren naar wat ze echt zeggen. Want als je écht luistert naar mensen, vertellen ze alles over zichzelf, vooral als ze boos zijn.
Nieuwe perspectieven zijn geen fouten.
En juist in die week kwam er nog iemand op me af. Niet boos. Niet fel. Maar iemand met zo’n blik waar je het warm van krijgt. Ze liet me iets zien. Een werkproces dat ik had opgezet. En ze schreef het opnieuw uit. In stilte. Zonder oordeel. In één minuut liet ze me zien wat ik gisteravond nog in twee uur niet had bedacht. En ik stond daar, met m’n armen over elkaar, en voelde langzaam hoe ik openging. Niet omdat zij het beter wist. Maar omdat ik ineens iets zag wat ik eerder niet kon zien.
Er zijn dingen…
En dat is precies het punt.
Je weet dat er dingen zijn die je weet dat je ze weet.
Je weet dat er dingen zijn die je weet dat je ze niet weet.
En er zijn dingen die je niet weet dat je ze niet weet, dat je ze niet weet.
En nu weet je dat er dingen zijn dat je niet weet dat je ze niet weet en waarschijnlijk nooit zal weten.
En dan is het alsof er iets openvalt., een lichtje aangaat, een spiegel moment, een gevoel van richting, een gevoel van iets nieuws.
En nee, dat gevoel is zelden fijn. Want het voelt kwetsbaar. Je denkt zelfs even: ik ben dom. Maar dom zijn is gewoon: iets leren wat je nog niet wist. Of even vergeten was. En dat mag.
Het gevoel van nieuwe dingen
Ik weet inmiddels: nee, er is niks mis met je als je iets nieuws moet leren.
Het enige wat je nodig hebt, is het lef om te blijven kijken. En luisteren.
Ook als je denkt dat je al snapt hoe het zit. Juist dan.
Blijven kijken en luisteren.
Ik schrijf dit voor iedereen die z’n best doet. Die denkt dat het goed gaat. Die denkt dat “het wel duidelijk is”.
En dan toch ineens iets hoort wat alles verandert.
En voor iedereen die dat eerst probeert weg te wuiven, maar diep vanbinnen weet:
ja… dit moest ik horen.
Je hoeft het niet meteen op te lossen. Je hoeft het niet meteen te snappen. Maar als je jezelf toestaat om het even niet te weten, als je de schrik toelaat, dan begint er iets nieuws.
Ik weet dat omdat ik het zelf heb gevoeld.
Niet vanuit theorie.
Maar omdat ik daar zat en weer zal gaan zitten.
En dacht: oh… dus dit wist ik nog niet.
En daar begon het opnieuw.
Maken, Denken & Doen.
Niet omdat je het allemaal al weet.
Niet omdat je bereid bent om te blijven kijken.
Maar omdat je wilt creëren.
Iets doen wat je nog nooit gedaan hebt.
Jezelf uitdagen om vandaag weer wat te weten te komen
wat je gisteren nog niet wist.





